Het belang van VO₂max als brandweer

Je staat paraat, dag en nacht. Soms rustig, soms onder extreme druk. Met zware beschermkledij, hitte, rook en een hoge hartslag moet je snel beslissingen nemen en fysiek presteren. Daar komt VO₂max in beeld. In onze vorige blog zijn we dieper ingegaan op het belang van een goed VO₂max, lees de blog hier.

Geen modewoord uit de sportwereld, maar een essentiële indicator voor inzetbaarheid, veiligheid en duurzaamheid binnen de brandweer. Recente wetenschappelijke inzichten bevestigen bovendien steeds duidelijker dat fysieke fitheid, en in het bijzonder cardiorespiratoire capaciteit, rechtstreeks samenhangt met het vermogen om brandweertaken veilig en efficiënt uit te voeren (Chizewski et al., 2021).

Wat is het belang van VO₂max als brandweer?

Brandweerwerk vraagt inspanningen dicht bij het maximum

Brandweerinterventies kenmerken zich als hoge intensiteit, onvoorspelbaar, het uitvoeren van zware taken (tillen, slepen, traplopen etc.) en werken in hitte en rook vaak.

Onderzoek toont aan dat de fysiologische belasting tijdens reële interventies kan oplopen tot 80100% van de VO₂max (Gledhill & Jamnik, 1992; Sothmann et al., 2004). Wie over een beperkte aerobe capaciteit beschikt, zit dus sneller aan zijn of haar limiet.

Daarnaast toonden Chizewski et al. (2021) aan dat brandweermensen met een hogere algemene fitheid significant beter scoren op taakgerichte prestaties zoals het bevrijden van slachtoffers, traplopen met last en slangleidingen hanteren. Een goede VO₂max speelt hierin een sleutelrol.

Veiligheid en prestaties onder druk

Smith (2011) beschrijft hoe een onvoldoende aerobe conditie het risico op overbelasting en cardiovasculaire incidenten verhoogt tijdens interventies. Een verhoogde vermoeidheid kan zorgen voor tragere reacties, tragere en foutieve besluitvorming en/of een verminderde motorische controle. Een hogere VO₂max helpt om hartslag en ademhaling beter te reguleren, wat cruciaal is in stressvolle situaties.

Ook Chizewski et al. (2021) benadrukken dat een betere fysieke conditie samenhangt met efficiënter en veiliger taakuitvoer, wat niet alleen de individuele brandweerman of -vrouw beschermt, maar ook het hele team. Het belang van VO₂Max als brandweer gaat dus veel verder dan enkel de individuele gezondheid. Indien de individuele cardiovasculaire paraatheid voldoende hoog is, is het gehele team in veiligere handen.

Duurzame inzetbaarheid op lange termijn

Brandweerwerk is geen sprint, maar een carrière van jaren. Zowel vrijwilligers, die dit combineren met een andere job, als beroepskrachten worden geconfronteerd met een hoge cumulatieve belasting.

Een goede cardiorespiratoire fitheid wordt geassocieerd met:

  • Lagere cardiovasculaire belasting
  • Sneller herstel tussen inspanningen
  • Minder risico op chronische gezondheidsproblemen (ACSM, 2021; Smith, 2011)

Chizewski et al. (2021) stellen bovendien dat investeren in fysieke fitheid essentieel is om operationele paraatheid en inzetbaarheid op lange termijn te waarborgen.

VO₂max-testen binnen de brandweer: meer dan een formaliteit

Brandweerwerk behoort tot de fysiek meest veeleisende beroepen. Interventies vragen vaak maximale inspanningen in onvoorspelbare omstandigheden, met zware beschermkledij, hitte en een hoge mentale druk. Net daarom is het testen van VO₂max geen administratieve formaliteit, maar een essentieel instrument om inzetbaarheid, veiligheid en duurzaamheid te waarborgen.

Objectieve inschatting van fysieke inzetbaarheid

VO₂max is één van de meest betrouwbare en wetenschappelijk onderbouwde indicatoren van cardiorespiratoire fitheid. Onderzoek toont aan dat brandweerinterventies vaak plaatsvinden aan 80 tot 100 procent van de maximale zuurstofopname (Gledhill & Jamnik, 1992; Sothmann et al., 2004). Door VO₂max te testen, krijgt men een objectief beeld van de mate waarin een brandweerman of -vrouw fysiek in staat is om deze belasting veilig aan te kunnen.

Zonder testing blijft fysieke inzetbaarheid grotendeels gebaseerd op subjectieve inschatting, wat het risico op onderschatting van beperkingen vergroot.

Verhoging van veiligheid voor individu en team

Een onvoldoende aerobe capaciteit verhoogt het risico op snelle vermoeidheid, verminderde concentratie en tragere reacties. Dit kan rechtstreeks de veiligheid van de brandweerman of -vrouw zelf, maar ook die van collega’s en slachtoffers in gevaar brengen. Studies tonen aan dat een betere cardiorespiratoire fitheid samenhangt met efficiëntere en veiligere uitvoering van brandweertaken (Smith, 2011; Chizewski et al., 2021). Door VO₂max regelmatig te testen, kunnen risicoprofielen vroegtijdig worden opgespoord en kan gericht worden ingezet op begeleiding en training.

Preventie in plaats van selectie alleen

VO₂max-testing wordt soms ervaren als een selectie- of uitsluitingsinstrument. In de praktijk biedt het vooral kansen voor preventie en ondersteuning. Evoluties in VO₂max over tijd geven waardevolle informatie over trainingsrespons, herstel en mogelijke overbelasting. Dit laat toe om tijdig bij te sturen vóór klachten, blessures of uitval ontstaan (ACSM, 2021). Op die manier verschuift de focus van “slagen of falen” naar duurzaam functioneren.

Duurzame inzetbaarheid doorheen de loopbaan

Brandweerwerk is geen korte inspanning, maar een langdurige fysieke belasting over jaren. Regelmatige VO₂max-metingen maken het mogelijk om veranderingen in fitheid op te volgen doorheen de carrière, rekening houdend met leeftijd en context. Dit ondersteunt een gezonde en veilige loopbaan, zowel bij vrijwilligers als beroepskrachten (Smith, 2011).

Het testen van VO₂max bij brandweermannen en -vrouwen is essentieel omdat het een objectieve, betrouwbare en wetenschappelijk onderbouwde manier biedt om fysieke inzetbaarheid, veiligheid en duurzaamheid te bewaken. Het is geen doel op zich, maar een krachtig hulpmiddel om mensen gericht te ondersteunen, risico’s te beperken en kwaliteitsvolle brandweerzorg te garanderen.

Voor beleidsmakers betekent dit dat VO₂max-testen geen administratieve drempel mogen zijn, maar een onderbouwd instrument voor preventie, begeleiding en kwaliteitsbewaking. Met YourFit kunnen we zowel individuele screenings aanbieden als het screenen van het volledige korps. Bij interesse, neem contact op met jelle@yourfit.be.

Belang van VO₂Max als brandweer

Wat is een “goede” VO₂max voor een brandweerman of -vrouw?

Internationale literatuur hanteert vaak minimumwaarden rond 42–45 ml/kg/min voor operationele brandweertaken (Gledhill & Jamnik, 1992; Smith, 2011). Chizewski et al. (2021) benadrukken echter dat hogere waarden duidelijk samenhangen met betere taakprestaties en meer fysieke reserve. De normwaarden voor de algemene gezondheid kan je terug vinden in de blog van VO₂max.

Hoe kan je je VO₂max verbeteren? Praktisch en haalbaar

1. Regelmatige aerobe training

Lopen, fietsen, roeien of stevig wandelen, 2–4 keer per week, 30–60 minuten aan matige intensiteit, vormt een sterke basis (ACSM, 2021).

2. Intervaltraining

Intervaltraining is bijzonder effectief om VO₂max te verhogen (McArdle et al., 2015). Korte periodes hoge intensiteit, afgewisseld met actieve rust, zorgen voor een krachtige trainingsprikkel.

3. Combineer met krachttraining

Sterkere spieren werken efficiënter en verlagen de relatieve belasting tijdens brandweertaken. De combinatie van kracht en uithouding blijkt essentieel voor taakprestaties (Smith, 2011; Chizewski et al., 2021).

4. Herstel en leefstijl

Zonder voldoende slaap (blog slaap), voeding en herstel (blog herstel) is vooruitgang onmogelijk. Duurzame gewoontes winnen het altijd van extreme aanpakken.

Conclusie: VO₂max als fundament van sterke brandweerzorg

Wetenschappelijk onderzoek laat weinig ruimte voor twijfel: VO₂max vormt een essentieel fundament voor het fysiek functioneren van brandweermannen en -vrouwen. Een goede cardiorespiratoire conditie is nauw verbonden met de zware en onvoorspelbare eisen van het brandweerwerk, speelt een cruciale rol in veiligheid en prestaties onder druk en ondersteunt een duurzame inzetbaarheid doorheen de jaren. Investeren in het trainen en correct evalueren van VO₂max is dan ook geen overbodige luxe, maar een bewuste keuze voor gezondheid, veiligheid en kwaliteit van brandweerzorg.

Jelle Nuyts

Literatuurlijst

  • American College of Sports Medicine. (2021). ACSM’s Guidelines for Exercise Testing and Prescription.
  • Chizewski, A., Box, A., Kesler, R., & Petruzzello, S. J. (2021). Fitness Fights Fires: Exploring the Relationship between Physical Fitness and Firefighter Ability. International Journal of Environmental Research and Public Health, 18(22), 11733. https://doi.org/10.3390/ijerph182211733
  • Gledhill, N., & Jamnik, V. (1992). Characterization of the physical demands of firefighting. Canadian Journal of Sport Sciences. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/1325260/
  • McArdle, W. D., Katch, F. I., & Katch, V. L. (2015). Exercise Physiology: Nutrition, Energy, and Human Performance. Wolters Kluwer.
  • Smith, D. L. (2011). Firefighter fitness. Current Sports Medicine Reports10(3), 167-172. https://doi.org/10.1249/jsr.0b013e31821a9fec
  • Sothmann, M. S., et al. (2004). Heart rate response of firefighters to actual emergencies. Journal of Occupational and Environmental Medicine.

Tags:

Heb je vragen na het lezen van dit artikel?